CiteerDe hengst liep opnieuw rond langs de afsluiting. Sander had er genoeg van en toen het paard weer op hem af draafde, bleef hij staan.
'Hij is gek!' hoorde hij Nuk zeggen.
Misschien ben ik dat ook wel, dacht Sander. Hij verzamelde al zijn moed en probeerde de blik van het aanstormende dier te vangen.
De hengst minderde geen vaart en bleef met dezelfde snelheid op hem af donderen. Hun ogen ontmoetten elkaar. Sander stak zijn arm uit en bleef de hengst recht in de ogen kijken. Nog vijf meter ... vier ... Sander zag de grote paardenogen en keek recht naar binnen in de duisternis van de paardenziel. Even leek het alsof ze elkaars gedachten konden lezen. Een zeldzaam moment waarop mens en dier elkaar aanvoelen en begrijpen.
De galop van de hengst verloor zijn ritme en het paard strompelde, struikelde en schoof met zijn hoeven door het stof tot hij vlak voor Sander tot stilstand kwam. De jongen bleef het dier recht in zijn ogen staren, glimlachte en reikte zijn hand iets verder uit, tot hij de ruwe haren en de warmte van het paardenlichaam voelde. Voorzichtig aaide hij de hengst over zijn hals. Het was een dier, maar toch zag Sander intelligentie in die grote ogen. Intelligentie en begrip, alsof de hengst begreep dat ze allebei gevangenen waren.
'Laat me op je rijden,' fluisterde Sander.

Gemeenschapscentrum Hof ten Hemelrijk
Kloosterstraat 7
1745 Opwijk


